Wanneer je hart ontmoedigd is
en daarin angst en twijfel sluipen.
Als daar verdriet woont en ’t gemis,
de pijn waarvoor je weg wilt kruipen.
Die ’t leven je ervaren liet,
je stemming maakt terneer geslagen.
Vergeet dan van deze woorden niet,
’t is God die je er doorheen zal dragen.

Soms zijn er tijden moeilijk zwaar,
kun je Gods handelen niet begrijpen.
Maar ondanks dat blijft zonneklaar,
je mag in nood Gods hand steeds grijpen.
Die Hij je voorhoudt en je reikt,
dan heft Hij op en zal je dragen.
Hij spreekt van ’t uitzicht dat er blijkt
en luistert stil naar al je vragen.

Hij houdt je vaak de spiegel voor,
die Zijn gelaat zacht op laat lichten.
En met een fluistering in je oor,
vraagt steeds je oog op Hem te richten.
In tijd van voor- en tegenspoed,
in dagen die je hart benauwen,
want God trekt ’t spoor waarin je voet,
kan voortgaan in het volst vertrouwen.

Op wegen waarop Hij je leidt,
zul je niet struikelen of vallen.
Hij maakt ze vlak en Hij plaveit,
waarop Hij nieuwe vreugd laat schallen.
Want vreugde schenken is Gods doel,
Hij immers heeft steeds ’t heil voor ogen.
Hij schenkt je hart het blij gevoel,
vanuit Zijn liefd’ met je bewogen.

Al treft je ook het zwaarst verdriet,
als tranen uit je ogen springen.
Weet dan ook dat Hij naar je ziet,
je toch weer schenkt Zijn zegeningen.
Die Hij je in ruime mate biedt,
waardoor je hart weer blij kan zingen,
Vergeten dat zal God je niet,
wat jij behoeft, Hij schenkt de dingen.

Blijf maar steeds gaan aan ’s Heren hand,
wiens liefde nooit van je zal scheiden.
Wanneer je trekt door stad en land,
door bossen en langs groene weiden.
Want God wil sieren ’t levenspad,
begaanbaar met de mooiste bloemen.
Maar bovenal onthoudt steeds dat,
Hij blijft jouw kind, Zijn liefste noemen.
     
 
 
 

 

You have no rights to post comments